Paragraaf financiering

Inleiding

Terug naar navigatie - Paragraaf financiering - Inleiding

In de paragraaf financiering wordt de raad geïnformeerd over het treasurybeleid en de beheersing van de financiële risico's. Hoe we het financieringsbeleid moeten uitvoeren, is vastgelegd in de Wet Financiering Decentrale Overheden (Wet FIDO) en in het Treasurystatuut dat de gemeenteraad heeft vastgesteld. 

In het Treasurystatuut zijn de beleidskaders voor Winterswijk opgenomen. Zo is vastgelegd dat de Treasuryfunctie uitsluitend de publieke taak dient en het beheer verstandig is. De provincie houdt toezicht op de ontwikkeling van de financiële positie van de gemeente. 

Kasbeheer

Terug naar navigatie - Paragraaf financiering - Kasbeheer

Met de kasgeldlimiet wordt een beperking opgelegd aan de omvang van de netto vlottende schuld. Deze bedraagt 8,5% van het begrotingstotaal bij aanvang van het begrotingsjaar. Voor 2027 is dat € 11,5 miljoen. Het is afhankelijk van de liquiditeitsbehoefte of er een kortlopende of een langlopende lening wordt opgenomen. 

Risicobeheer

Terug naar navigatie - Paragraaf financiering - Risicobeheer

Het doel van de renterisiconorm is om te voorkomen dat de gemeente in één jaar te veel leningen moet herfinancieren of waarvan de rente herzien wordt, waardoor ze kwetsbaar wordt voor rentestijgingen. 

De renterisiconorm bevat 3 criteria:

  • Maximaal 20%. Het renterisico op de vaste schuld mag  niet meer zijn dan 20% van het begrotingstotaal van dat jaar.
  • Betreft de vaste schuld. De norm kijkt naar het bedrag van de vaste schuld waarvan de rente in het begrotingsjaar kan worden herzien: renteherzieningen en aflossingen.  Het gaat dus niet om de totale schuld, maar om het deel dat werkelijk een renterisico vormt.
  • Toetsing per begrotingsjaar. De renterisiconorm wordt jaarlijks getoetst en opgenomen in de paragraaf financiering. Bij overschrijding moet een toelichting worden gegeven hoe de gemeente het renterisico gaat beheersen.

Uit onderstaande berekening blijkt dat wij ruim binnen de norm zijn gebleven.

Renterisiconorm 2027 (x € 1.000)
Berekening renterisiconorm en risico:
1a Renteherziening vaste schuld o/g 0
1b Renteherziening vaste schuld u/g 0
2 Netto rente herziening (1a-1b) 0
3 Betaalde aflossingen 5.155
4 Renterisico op vaste schuld (2 + 3) 5.155
Rentenorm:
5 Begrotings- en rekentotaal 135.470
6 Bij ministerie regeling vastgesteld % 20%
7 Renterisiconorm 27.094
Toets rente risiconorm:
7 Renterisiconorm 27.094
4 Renterisico op vaste schuld (aflossing en renteherzieningen) 5.155
8 Ruimte (+) / Overschrijding (-) (7-4) 21.939

Gemeentefinanciering

Terug naar navigatie - Paragraaf financiering - Gemeentefinanciering

Over de bestaande langlopende geldleningen loopt de gemeente geen renterisico. Uit onderstaand overzicht van de langlopende leningen blijkt, dat de omvang van de leningenportefeuille vanaf 2027 afneemt van circa €  57 miljoen naar circa € 52 miljoen in 2028. Voor 2029 en 2030 sluiten we nog nieuwe leningen af voor investeringen, die dan zijn gepland.  

Gemeentefinanciering 2027 (x € 1.000) 2027 2028 2029 2030
Langlopende leningen begin jaar 62.355 57.200 52.245 58.240
Nieuw op te nemen leningen 0 0 10.000 10.000
Aflossing -5.155 -4.955 -4.005 -9.105
Langlopende leningen eind jaar 57.200 52.245 58.240 59.135

Schatkistbankieren

Terug naar navigatie - Paragraaf financiering - Schatkistbankieren

Schatkistbankieren  betekent dat gemeenten hun overtollige liquide middelen niet onbeperkt op bankrekeningen mogen aanhouden, maar deze moeten aanhouden bij de schatkist van het Rijk.

Schatkistbankieren:

  • Verplicht voor gemeenten; gemeenten vallen onder het verplicht schatkistbankieren.
  • Drempelbedrag;  een gemeente mag een bepaald bedrage aan overtollige middelen buiten de schatkist aanhouden.
  • Overtollige middelen naar de schatkist; geld boven het toegestane drempelbedrag moet worden aangehouden bij de schatkist van Rijk

Het doel van het schatkistbankieren is om te voorkomen dat publieke middelen langdurig bij  commerciële banken worden aangehouden en draagt bij aan een doelmatig beheer van overheidsgeld. 

Renteschema

Terug naar navigatie - Paragraaf financiering - Renteschema

Het renteschema geeft inzicht in de rentelasten van de externe financiering, het renteresultaat en de wijze van rentetoerekening. Het saldo van € 1,2 miljoen geeft aan dat het rentepercentage (omslagrente van 2%) dat is toegerekend aan de kapitaallasten, hoger is dan de begrote te betalen rente. Dit komt met name doordat we zoveel mogelijk met kortlopende leningen financieren, waardoor de langlopende leningen en dus de rentelasten lager uitvallen. We houden die 2% aan omdat we de komende jaren een fors aantal leningen moeten aantrekken voor de investeringen die op de planning staan.

Omslagrente

Terug naar navigatie - Paragraaf financiering - Omslagrente

De omslagrente (interne rentepercentage) is voor de activa op 2,0% gesteld. 

Renteschema (€ 1.000)
Bedrag
a. De externe rentelasten over de korte en lange financiering 1.925
b. De externe rentebaten -29
1.896
c. De rente die aan grondexploitatie moet worden toegerekend -128
De rente van projectfinanciering die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend (voorbeeld: riolering) 0
-128
Aan taakvelden toe te rekenen externe rente 1.768
d1 Rente over eigen vermogen 0
d2 Rente over voorzieningen 0
Totaal geraamde aan taakvelden toe te rekenen rente 1.768
e. De aan taakvelden toegerekende rente (renteomslag) 2.984
f. Renteresultaat 1.216

Kasstroom

Terug naar navigatie - Paragraaf financiering - Kasstroom

We sluiten zo min mogelijk nieuwe langlopende leningen af. Voor onze liquiditeitsbehoefte maken we in eerste instantie maximaal gebruik van de kasgeldlimiet. Dit betekent dat we tot € 12 miljoen aan leningen mogen aantrekken met een looptijd van maximaal een jaar. Daarboven moeten we langlopende leningen afsluiten.

In onderstaand overzicht staat de kasstroom over de jaren 2027 tot en met 2030 weergegeven. Hieruit blijkt dat we de komende jaren nieuwe leningen moeten afsluiten. Dit komt door de investeringen die voor de komende jaren op de planning staan.

Kasstroom (x € 1.000) Begroting Begroting Begroting Begroting
2027 2028 2029 2030
Saldo 1-1 -4.737 -26.368 -42.322 -36.266
Operationele activiteiten
Saldo van baten en lasten -1.096 -2.350 -2.518 -1.741
Afschrijvingen 5.597 6.299 6.810 6.707
Voorzieningen -958 -1.624 -892 -1.575
Saldo operationele activiteiten (A) 3.542 2.325 3.399 3.392
Investeringsactiviteiten
Investeringen (incl. inkomsten) -20.123 -13.428 -3.389 -1.032
Saldo investeringsactiviteiten (B) -20.123 -13.428 -3.389 -1.032
Financieringsactiviteiten
Aflossing lening -5.155 -4.955 -4.005 -9.105
Opgenomen lening 0 0 10.000 10.000
Overige mutaties 104 104 51 51
Saldo financieringsactiviteiten (C) -5.051 -4.851 6.046 946
Saldo kasstroom 31-12 -26.368 -42.322 -36.266 -32.961